Interview

Hoe gaat thuiszorgorganisatie TWB om met digitalisering?

In een eerder blogartikel gaf ik mijn visie op het sneller implementeren van innovaties in de thuiszorg. Ik verdiep me graag in de zorgpraktijk, omdat het ons als ontwikkelaar van digitale oplossingen enorm helpt bij het inleven in doelgroepen. Daar kunnen wij alleen maar beter door worden. Naar aanleiding hiervan ben ik ook in gesprek gegaan met thuiszorgorganisatie TWB over digitalisering in de thuiszorg. We spraken over de transities van afgelopen jaren, de uitdagingen in de zorg op dit moment en de toekomst van de thuiszorg waarbij Google Home en wearables een nog prominentere rol gaan spelen. Benieuwd naar de aanpak van innovatie binnen TWB? Lees mee!

TWB innovatieve speler in de zorg

Het klinkt nogal gek, wanneer we moeten concluderen dat TWB op dit moment té veel innoveert. Aan de andere kant weer logisch te verklaren. De zorg vraagt (schreeuwt) om innovatie, maar de markt loopt nog achter. Je kan dus ook te snel gaan. Interessant is dit natuurlijk wel. We spreken Ruud Hagenaar, manager I&A (informatisering & automatisering) van het ICT team en verantwoordelijk voor alles wat te maken heeft met software en hardware. En zijn collega Jacqueline van Ginkel, ‘zorgveranderaar’. Een titel die ze zelf verzon, vanuit de bevinding dat iedereen met innovatie in zijn of haar titel eigenlijk nog te weinig innoveert. Jacqueline is verantwoordelijk voor het bekijken, evalueren en optimaliseren van de zorgprocessen binnen TWB en de hulpmiddelen die ze inzetten bij cliënten. Ze focust zich daarbij vooral op de medewerkers, om te kijken hoe zij hun werk, beter en efficiënter kunnen uitvoeren. Hierbij is het uitgangspunt om na te gaan of er slimme hulpmiddelen zijn die kunnen helpen. Echte zorg achter de voordeur wordt op deze manier zo lang mogelijk uitgesteld.

De rol als zorgveranderaar bekleedt Jacqueline maar een jaar. Dat is de bedoeling. Of de verandering is klaar, of het is niet gelukt. De wijkverpleegkundige van de toekomst moet uiteindelijk de taak om zorg te veranderen gaan overnemen.

Welke transities zijn er duidelijk waarneembaar binnen TWB thuiszorg?

Als we reflecteren op de afgelopen jaren, merk ik dat er veel veranderd is. Ruud: “Technisch zien we binnen TWB dat er een verschuiving gaande is van een ‘on premise’ infrastructuur naar SaaS oplossingen waarbij alles in de cloud draait. Dit vraagt een andere manier van beheer die niet meer strookt met de gang van zaken van 3 tot 5 jaar geleden. Onze I&A specialisten moeten in staat zijn meer overstijgend te denken hoe ze een bepaalde update van een leverancier gaan implementeren binnen TWB. Hierbij geldt dat er niet meer alleen over techniek nagedacht moet worden, maar juist veel meer over de toegevoegde waarde voor de medewerker en cliënt. Dit vraagt om onderzoek. Ze dienen informatie op te halen uit de organisatie en die te vertalen naar praktische functionaliteit voor de applicatie die zij beheren. Ook als er vanuit de leverancier kant ideeën komen van innovaties om te implementeren in onze zorgprocessen, ga ik daar nu eerst binnen TWB mee de boer op.”

Zien jullie ook een verandering in de rol van wijkverpleegkundige?

Ik vraag bij Jacqueline door naar de belangrijke verandering die ze aankaartte dat er steeds meer (eerst) naar hulpmiddelen wordt gekeken, om daadwerkelijke zorg zo lang mogelijk uit te stellen. De rol van de wijkverpleegkundige verandert hierdoor drastisch. Jacqueline: “Zeker, de wijkverpleegkundige krijgt een andere rol. De verpleegkundige van nu, moet ook bezig zijn met het continu verbeteren van zorgprocessen. Door zichzelf constant vragen te stellen. Wat doe ik nu precies? Wat zet ik in? Hoe ga ik ervoor zorgen dat nieuwe innovaties bij cliënten terecht komen?”

Draagvlak creëren essentieel
Ruud vult aan dat het heel goed is, wanneer digitale innovaties niet getrokken worden vanuit ICT afdelingen, maar juist vanuit TWB medewerkers zelf. “Een voorbeeld hiervan is beeldzorg. Een aantal jaren geleden was er ineens een hype rondom beeldzorg, om dit te gaan leveren binnen TWB. Dit initieerden we dan vanuit I&A. Want we kregen vanuit de Raad van Bestuur die opdracht en beeldzorg is met een tablet en dus technisch, dus ‘dat zal dan wel bij I&A horen’. Maar vanuit zo’n gedachtegang werkt het niet. Want dan lijkt het te worden opgelegd door een ICT afdeling en is er te weinig draagvlak bij de zorgverleners aan het bed. Medewerkers moeten nauw betrokken worden bij de ontwikkeling van innovaties. En ICT-afdelingen en medewerkers moeten veelvuldig met elkaar in gesprek gaan. Dit zorgt voor voldoende draagvlak, de voorwaarde voor succes.”

Ruud: “Een ander voorbeeld is de Medido, een medicijndispenser die de de cliënt eraan herinnert om de op tijd de juiste medicatie in te nemen. De medicijnen worden 1 keer per week gesorteerd in zakjes per innamemoment. Zodra het tijd is om de medicijnen in te nemen geeft het apparaat een signaal waarbij de cliënt met een druk op de knop de medicijnen uitdraait en inneemt. Binnen TWB zien ze het inmiddels niet meer als innovatie, het hoort al gewoon bij de zorg. De dispenser bestaat ook al lang, maar kwam de eerste jaren niet van de grond. Het lukte zorgaanbieders maar niet om de Medido goed te implementeren. Nu worden dit soort initiatieven meer gepusht vanuit de medewerkers zelf. En nu werkt het wel.”

Integrale benadering bij innovaties werkt
“Zorg leveren is niet alleen ‘de handen aan het bed’, het is alles bij elkaar.” zegt Jacqueline, die beaamt dat het de integrale aanpak is die goed werkt. “We merken ook dat er een andere mindset is ontstaan bij medewerkers en nieuwe zorgprofessionals. Er worden veel meer vragen gesteld, bijvoorbeeld door de wijkverpleegkundigen. Over innovaties die zichzelf al bewezen hebben of over hoe andere zorgorganisaties het doen bij een specifiek vraagstuk. Allemaal vanuit de instelling om dingen te veranderen. En dat is dus heel mooi. Want nu ben ik het die hier nog veel mee bezig is, maar straks is het dus meer aan de wijkverpleegkundigen om elkaar op te zoeken en hierover in gesprek te gaan.”

Hoe staan cliënten in de veranderingen op het gebied van zorgverlening?

We zijn bij E-sites natuurlijk ook wel benieuwd hoe cliënten bij TWB tegenover de veranderingen in de zorg staan. Jacqueline kan daar vrij kort over zijn: “De cliënt wil zolang mogelijk ‘geen zorg’. De medewerkers van TWB kunnen hier nu meer bij helpen. Er stond heel veel druk op de teams door gebrek aan capaciteit. Er waren te veel cliënten en te weinig medewerkers. Maar onder andere door innovaties als de Medido, gaan dit binnen teams nu veel beter. Hoewel medewerkers en cliënten eerst best huiverig waren - er komt een apparaat in plaats van medewerker - is de ervaring nu dat de cliënt uiteindelijk blij is dat de medewerker veel minder langskomt. Want dit betekent dat ze langer zelfredzaam zijn.”

Wat is de grootste uitdaging in de extramurale zorg voor TWB?

Op de vraag wat op dit moment de grootste uitdaging is voor TWB, komt een verrassend antwoord dat haaks staat op wat er op dit moment gaande is in de zorgmarkt: een tekort aan cliënten. Er is op dit moment bij TWB te weinig instroom, een cliënt-tekort, terwijl er landelijk vooral signalen zijn voor vergrijzing en capaciteitsproblemen. Het doelmatiger werken, wat bij TWB vooral bereikt is door het implementeren van digitale innovaties, heeft ervoor gezorgd dat er nu overcapaciteit is. Want de instroom bleef gelijk, terwijl ze met dezelfde teams nu een grotere caseload aan kunnen.

Jacqueline zegt hierover: “We worden min of meer gestraft door onze eigen manier van werken, het is nu te doelmatig voor waar onze organisatie op ingespeeld is. En zo lopen er momenteel wel meer dingen scheef. Bijvoorbeeld wanneer wij een Medido gebruiken en daarmee dus ‘handen aan het bed’ besparen bij cliënten, Maar als die om welke reden dan ook intramuraal worden opgenomen, ze ineens weer op de oude manier hun medicijnuitgifte krijgen door een medewerker die dagelijks langskomt. Dat is natuurlijk heel scheef. Dan loopt de keten nog achter in de innovatie-implementatie.”

 

Welke innovatie stappen heeft TWB nog te zetten?

Hoewel TWB relatief veel stappen heeft gezet met betrekking tot innovatie en digitalisering, blijven er natuurlijk altijd nog wensen over. Ik vraag Ruud ernaar: “In tegenstelling met een paar jaar geleden, gaat nu alles via mobiele apparaten. Alles werkt via apps, of het nou om medicatiecontrole gaat, de urenregistratie of digitaal rapporteren; we hebben geen papieren dossiers meer. Dat zijn dus wel grote stappen geweest, maar uiteraard moeten we met innovatie continu doorgaan. Er kunnen nog een hoop kleine stappen gezet worden. Maar er ligt ook nog wel een grote uitdaging. Want er zijn nu heel veel verschillende apps beschikbaar voor zorgaanbieders. Alleen zijn ze op geen enkele manier gekoppeld met de systemen waarmee de medewerkers van TWB dagelijks werken. Daar ligt dus nog werk.”

Koppelingen met bestaande systemen en eigen devices
Cliënten willen steeds vaker gebruik maken van eigen devices, zoals hun tablet, smartwatch en andere soort wearables. Jacqueline verwacht dat deze beweging zich verder voortzet: “Ik ga er echt vanuit dat cliënten naar ons toekomen met een smartwatch en dat ze zeggen “koppel er maar mee”. Cliënten willen veel meer invloed hebben op de zorg die ze krijgen. Als je kijkt naar Google Home en Apple Watch, daar is nu al veel mee mogelijk. Een nieuwe uitdaging gaat zijn om cliënten zelfredzaam te krijgen met hun eigen aangeschafte consumentenelektronica.”

Ook Ruud denkt dat deze trend gaat zorgen voor vervanging van bepaalde medische hulpmiddelen. “Als je kijkt naar de laatste versie van de apple watch, dan zie je dat hier nu al ECG en valdetectie in zit. Waarom zou je als cliënt zijnde dan nog personenalarmering aanschaffen? Die ontwikkelingen gaan echt razendsnel.”

Jacqueline: “De uitdaging hierbij zal hem zitten in hoe wij als TWB inzage kunnen krijgen in de data die de cliënt op zijn eigen device verzamelt. Waardoor de zorgverlener in staat is te  sturen op afwijkingen. Zodra er een afwijking geconstateerd wordt, moeten we erop af. Die signalen moeten bij ons binnen gaan komen, van welk device dan ook.”

 

Smartspeakers a la Google Home
De cijfers in Amerika zijn hoopgevend, vergelijkbaar met de smartphone revolutie. Zien ze het bij TWB ook al voor zich, dat cliënten in Nederland straks met Google praten? Jacqueline verwacht dat dit binnen binnen 1 tot 3 jaar gaat gebeuren, omdat hier veel mogelijkheden bij ontstaan. Ruud ziet nog wel een gat: “De techniek gaat heel snel, maar cliënten zelf hebben nog iets meer tijd nodig. Het gat tussen mogelijkheden en het daadwerkelijk doen is op dit moment wat mij betreft nog te groot. De uitdaging zit ook zeker bij medewerkers. Die vinden ‘digitaal werken’ nog vrij lastig. Ik geloof zeker dat bijvoorbeeld Google home een prominentere rol gaat spelen binnen de zorg, maar dit zal in eerste instantie nog heel afhankelijk zijn van de cliënt, de zorgverlener en de invloed van bijvoorbeeld de mantelzorger.”

 

Digitaal innoveren: hoe pakken jullie dit aan?

Bij deze vraag komt Jacqueline terug op een punt die zij eerder al maakte “Alles via de medewerker. Ik doe nu niks meer zonder een vraag vanuit een medewerker en cliënt. Het kan bijvoorbeeld voorkomen dat een vraag komt vanuit een mantelzorger van een cliënt, die een Google Home heeft voor de cliënt en vraagt “Kunnen we daar iets mee?” Dat signaal komt dan via de medewerker bij mij. En daar kunnen we iets mee doen. Waarbij we heel klein beginnen. Want als je het kleinschalig al niet opgezet krijgt, dan lukt het op grote schaal zeker niet.” De uitdaging die we bij E-sites ervaren binnen de markt, is dat innovaties nog moeilijk op te schalen zijn. Dit wordt door Jacqueline en Ruud beaamd. Jacqueline: “Op dit moment zie ik dat in de regio ook, we krijgen het niet voor elkaar om echt van elkaar te leren. Iedere organisatie is anders ingericht en heeft een eigen kijk en aanpak als het gaat om innovatie. Dit betekent dat leveranciers goed moeten kijken waar en hoe ze een dergelijke toepassing een organisatie binnen brengen.”

Daar heeft Ruud nog wel een tip voor: “Zorgorganisaties hebben eerst een visie en beleid nodig om open te staan voor technische innovaties. Is die er niet, dan heeft het nog weinig zin om te kijken naar techniek en hulpmiddelen; die zullen dan niet van de grond komen. De meeste kans is er voor oplossingen die zichzelf bewijzen. Waarbij het project gestart is vanuit een idee of probleem, en de oplossing snel uitgerold is. Om vervolgens te kunnen leren, evalueren en optimaliseren. Dat kan werken. Digitale innovatie partijen, zoals E-sites, moeten praktische oplossingen gewoon laten zien bij zorgaanbieders. Want zorgaanbieders staan echt open om succescases te implementeren. Maar dan moeten de werknemers en cliënten er wel achter staan, zodat er direct meer draagvlak gecreëerd kan worden. Inleving in het zorgproces is voor creëren van kansrijke oplossingen wel echt heel erg belangrijk.”